19 July 2017   | 0
Big Data

De echte prijs van data

De echte prijs van data

Hoeveel kost data? Veel organisaties laten na om juiste keuzes te maken op datagebied, met hoge kosten en onbedoelde risico’s tot gevolg.

In zijn sessie tijdens Fujitsu World Tour 2017 in Maarssen ging Ewout Dekkinga, Principal Architect voor de Business Line Products voor Fujitsu Nederland, in op het fenomeen Information Life Cycle Management (ILM). Wat dit is: een benadering voor data- en informatiemanagement die uitgaat van een veranderende waarde van informatie met het verstrijken van de tijd. Organisaties die ILM toepassen starten met het classificeren van data. Ook hanteren ze duidelijk beleid voor migratie naar en opslag van data op de juiste plekken. Met aan het slot van de ‘life cycle’ het verwijderen van overbodig geworden data.

Lang niet alle organisaties hebben aandacht voor deze aspecten. Zo bleek uit recent onderzoek van de Nederlandse Erfgoedinspectie dat 75 procent van de overheidsinstellingen geen retentieperiode hanteert voor data of metadata. Om het nog ingewikkelder te maken: niet alle data is gelijk. Het bepalen van de (business)waarde van data is een ingewikkeld en tijdrovend proces. Het uitbreiden van de datacapaciteit lijkt dan een goedkoper alternatief, met als gevolg dat het datavolume van organisaties exponentieel toeneemt.

Opkomst van cloud, revival van tape

Met de opkomst van cloud computing en het gegeven dat IT-afdelingen vaak gepasseerd worden door de business als het gaat om het gebruik van clouddiensten, is het opslaglandschap extra complex geworden. Primaire opslag voor productieapplicaties ligt nog wel bij IT, maar secondaire opslag is een mengelmoes van back-ups, archieven, cloud, test- en ontwikkelomgevingen, file shares en analytics-omgevingen. Om nog maar te zwijgen van de usb-sticks die overal in de organisatie rondslingeren. Zeker met de komst van strengere wetgeving voor dataprotectie en -retentie is het een recept voor nachtmerries waar elke CIO van wakker ligt.

De revival van opslag op tape is in veel opzichten een uitkomst als het gaat om de TCO van data. Nieuwe ontwikkelingen maken het mogelijk om data langer en goedkoper te bewaren dan op disks. Toch is het slechts één component van een solide dataplan voor de lange termijn, waarin ook disks en flash-geheugen hun specifieke (business)voordelen hebben. Dekkinga pleit er daarnaast voor dat een dataplan ook rekening houdt met nieuwe Europese wetgeving als de GDPR (General Data Protection Regulation), die erop gericht is dat organisaties meer verantwoordelijkheid nemen voor het managen van gevoelige (persoons)gegevens.

Back-ups zijn geen archief

Tot slot deelt Dekkinga nog een laatste inzicht voor managers die verantwoordelijk zijn voor de exponentieel groeiende databerg in hun organisaties. Namelijk dat negentig procent van de organisaties hun back-ups ‘misbruiken’ voor archiveringsdoeleinden. “Dit bemoeilijkt het classificeren van informatie, waardoor deze onbeschikbaar, slecht bereikbaar, incompleet of onbetrouwbaar wordt. Dit vergroot bovendien de kans dat vertrouwelijke informatie onbedoeld op straat komt te liggen.”

“Het is daarom belangrijk dat een organisatie de volledige verantwoordelijkheid neemt voor het beheren van zijn gegevens en de vraag naar opslag, zelfs als het zijn gegevensopslag outsourced naar een serviceprovider. De architectuur en het ontwerp voor de archiefomgeving zouden bij het bedrijf moeten blijven, niet bij de storage service provider, evenals de beslissing over wanneer gegevens worden gearchiveerd naar lagere prestatie storage platforms.”

 

Meer weten over Data Life Cycle Management en Fujitsu’s storage-oplossingen? De presentatie van Ewout Dekkinga staat hier online.